|
Je neemt je iets voor. Meer sporten, minder scrollen, gezonder eten, eindelijk die cursus afronden. De start gaat vaak goed. Je voelt energie, je hebt zin om te knallen. En dan komt het leven ertussen. Drukte, stress, een slechte nacht, een volle agenda. Voor je het weet haak je af en denk je: “Zie je wel, ik kan dit toch niet volhouden.” Dat gevoel is begrijpelijk, maar het zegt weinig over jou. Het zegt vooral iets over je aanpak. Veel doelen mislukken omdat ze te groot zijn, te vaag blijven of omdat je leunt op motivatie. Motivatie is wispelturig. Je systeem houdt het vol. Hier staan 5 tips die je helpen om doelen vol te houden, ook als je geen zin hebt. 1. Maak je doel klein genoeg voor een slechte dagVeel doelen passen alleen bij een topdag. Dat maakt afhaken logisch. Maak de eerste stap zó klein dat je hem bijna altijd haalt. Geen groot plan, gewoon een mini-actie. Bijvoorbeeld: 10 minuten bewegen in plaats van een lange training. 1 pagina lezen in plaats van een hoofdstuk. 5 minuten opruimen in plaats van “alles”. Klein voelt misschien te simpel, maar het heeft 1 groot voordeel: je start vaker. En als je eenmaal start, ga je regelmatig toch langer door. 2. Geef je doel een vaste plek in je dagAls je doel “ergens vandaag” moet gebeuren, ga je elke dag onderhandelen met jezelf. Dat kost energie. Kies daarom 1 vast moment dat al in je dag zit. Na je ontbijt, na de lunch, zodra je thuis komt, voor je gaat douchen. Kies 1 moment en hou het saai en voorspelbaar. Na een paar dagen gaat het minder voelen als een keuze. Je volgt een vaste volgorde. Dat scheelt denkwerk. 3. Maak starten makkelijk, maak afleiding lastigJe omgeving trekt harder dan je motivatie. Maak het simpel om te beginnen. Leg wat je nodig hebt klaar en haal afleiding uit zicht. Sportkleding op een stoel werkt beter dan in een lade. Een open boek op tafel werkt beter dan in een kast. Leg je telefoon buiten handbereik tijdens werkblokken, dat geeft rust. Dat principe werkt ook bij vaste routines in huis, zoals houtkachels. Het idee is simpel: minder drempels richting je doel, meer drempels richting afleiding. Dan hoef je minder te vechten. Wil je een haard in een kleinere kamer en zoek je inspiratie? Klik hier en bekijk de beste opties voor kleine ruimtes. 4. Reken op terugval en maak een noodplanTerugval komt altijd een keer. Dat is normaal. Het verschil zit in wat je dan doet. Spreek vooraf af wat de “lichte versie” is op een rotdag. Bijvoorbeeld: als je weinig tijd hebt, doe je 5 minuten. Als je moe bent, doe je alleen de start-stap. Daarmee blijft je ritme staan. Je traint hiermee vooral iets belangrijks: terugkomen. Dat bepaalt of je na 1 dip meteen stopt, of weer doorpakt. 5. Kijk naar gedrag, niet naar het eindresultaatEindresultaten komen langzaam. Daar raak je snel door ontmoedigd. Gedrag zie je meteen. Houd daarom bij of je gestart bent, hoe vaak je het deed, of hoeveel minuten je eraan besteedde. Dat mag heel simpel. Een paar kruisjes in je agenda is genoeg. Je bouwt bewijs op dat je bezig bent. Dat gevoel trekt je door weken heen waarin het minder lekker loopt. Begin klein en blijf gaanAfhaken is vaak een signaal: je doel is te groot, te vaag, of te afhankelijk van motivatie. Maak de stap kleiner, zet hem vast in je dag, richt je omgeving slim in, reken op dipdagen en meet je gedrag. Dan voelt volhouden ineens een stuk lichter. Wilt je dat ik dit artikel toespits op 1 concreet doel (sporten, afvallen, focus, minder schermtijd)? Dan maak ik de voorbeelden helemaal passend bij dat onderwerp. |
Afhaken bij doelenAfhaken bij doelen? Dit zijn 5 tips die echt help? Dit zijn 5 tips die echt helpen
